Lang, lang geleden, zo'n tien weken, was er een jongeman die de toekomst enigszins met zorgen aanschouwde. Het veldritseizoen stond voor de deur, maar hoe ging hij thuis verkopen dat hij iedere zondag weg was, om daarna onder de modder en het gras thuis te komen? Hij hoorde zijn vrouw alweer verzuchten dat zij die dag dankzij zijn hobby nooit eens iets voor zichzelf kon doen en hij zag zijn dochtertje elke keer weer schrikken van het onherkenbare slijkmonster dat aan het eind van de middag het huis betreedde en de vloer besmeurde. Hij piekerde en piekerde, maar zag zo snel geen oplossing.

Het probleem met zijn vrouw werd opgelost door bezoek van een wijze man en zijn even wijze vrouw. Zij vertelden haar dat ploeteren door de modder echt niet zo erg was als het leek en dat het zelfs goed was voor je sociale leven. De crosswereld in en rond Ottawa bestond immers uit aardige mensen. De vrouw probeerde er een nachtje over te slapen, lag wakker van het nadenken en besloot een licentie aan te vragen.

Bleef de dochter over. Zij werd door haar ouders min of meer gedwongen mee te gaan, speelde wat in de zandbak binnen het parkoers en dacht na drie keer kijken: "Wat zij doen, is eigenlijk ook spelen in een zandbak. Of modderbak. Dat wil ik ook." En zij vroeg haar ouders of zij ook een keer mocht starten. Eigenlijk moesten kinderen acht zijn om mee te doen, maar de crosswereld in en rond Ottawa bestond uit aardige mensen: de organisatie moedigde het kleine meisje aan een nummer op te spelden.

Afgelopen zondag stonden ze voor het eerst alledrie aan de start van een wedstrijd. Zo werden zij Het Belachelijk Sportieve Gezin waar hij altijd al van gedroomd had. Nooit had hij meer problemen thuis als hij op zondag zijn hobby wilde uitoefenen. Correctie: hun hobby. Ze crossten nog lang en gelukkig.

Koosje Jans' eerste crosswedstrijd (vijfde race Eastern Ontario Cyclocross Series, Cornwall)

Uit de oude doos (derde race Eastern Ontario Cyclocross Series, North Gower)

José

Tijmen