Over de telefoon wilde Evert het niet uitmaken, dus Lidewij stond op, pakte een bijl uit de schuur van het studentenhuis en stapte op de fiets.

Even terug naar gisteren. Lidewij stond te koken, Evert moest nog iemand voor werk appen zei hij. Esther had haar telefoon bij Lidewij in de keuken laten liggen. Die lichtte op. Ze zag Everts naam op het scherm, maakte het eten af, dineerde samen met Evert en checkte toen hij weg was het berichtje. Een foto van een boom met een hart met Esther en Evert erin gekrast. Ze herkende de boom en wist wat er aan de andere kant stond.

De tranen kwamen vanzelf toen Esther de deur opendeed. Ze kreeg van haar een knuffel toen ze zei dat Evert het had uitgemaakt. Natuurlijk wilde ze mee om het verdriet weg te drinken. Ze protesteerde ook niet toen Lidewij zei dat de weg door het bos korter was. Lidewij vond haar een slappeling. Natuurlijk was het om en bovendien had Esther geen licht op haar fiets. Ze schudde haar hoofd om zo veel domheid, maar dat zag Esther niet.

Lidewij zei dat ze lek had. Esther stopte en Lidewij pakte de bijl uit haar rugzak. Ze begon te slaan en Esther begon te gillen. Precies zoals ze gehoopt had.

Als er een boom met een hart in het bos omvalt en er is niemand die het hoort, is de liefde er dan wel?